Les over zwaartekracht bij het thema: ‘ballonnetje in de lucht’.

Inleiding:

Neem een aantal materialen mee, die verschillend zijn van grootte en van gewicht.

Denk aan: ballon, opgeblazen en een die niet is opgeblazen. Steen en veertje.Een prop papier en een vlak papiertje van het zelfde formaat. 

Neem steeds twee dingen houd deze op dezelfde hoogte en vraag de kinderen wat er gaat gebeuren. Vraag ook waarom ze dat denken. Laat dan steeds de twee voorwerpen tegelijk vallen. Stel vast wat er gebeurd. Bespreek dit met de kinderen.

Test van tevoren, zonder de kinderen of de materialen wel een duidelijk verschil aan tonen. Anders kan het verwarrend worden. Wanneer je de materialen allemaal hebt laten vallen en er over gesproken hebt begin je aan de kern.

Kern:

Zet midden in de kring een wereldbol neer. Op iedere basisschool vind je wel een wereldbol. Stel vragen over de bol:

Wanneer het woord zwaartekracht niet uit de kinderen komt, wat niet echt te verwachten valt, vertel jij dat het zo heet. Vertel dat de aarde eigenlijk een grote magneet is die alles wat op de aarde staat naar zicht toe trekt. Daarom valt er nooit iets af. Neem magneten mee om het te laten zien.

Je kunt aan het einde nog even aanwijzen waar ‘wij’ wonen op de aarde.

Afsluiting:

Laat de kinderen het werkblad maken.

 

Terug