Hoeveel zie ik er?
=
4
cirkels
=
___ vierkanten
Voorbeeld

Probeer
met zo min mogelijk stapjes naar de rode stip te komen. Je mag maar twee kleuren
gebruiken. De stappen mogen alleen naar een aangrenzend vakje gemaakt worden. Let op! Je mag niet twee stapjes achter elkaar maken op
dezelfde kleur. Je begint in de buitenste cirkel.
Welke
twee kleuren heb je gekozen?_______________________________________
Je staat
op het rode kruisje. Je kunt alleen over het water met een brug en alleen over
een muur met een trap. Je hebt 3 bruggen en 2 trappen die je mag gebruiken. Lukt
het je om de vlag te pakken?
Teken
de weg die je genomen hebt, teken ook de bruggen en trappen die je gebruikt.
Zijn ze
even groot of niet?
Schrijf
achter de kleur of de figuren de zelfde oppervlakte hebben of niet. Wanneer ze
niet even groot zijn, omcirkel je de grootste van de twee.
Pa
Groen______________
Geel_______________